Janna Anand Jasjot

Anand Jasjot in her studio -- a dimly lit attic space, with a window overhead and art supplies and books around her.

Van jongs af aan bevond ik me op het snijpunt van twee werelden. Thuis en buitenwereld, het verwachte en het gevoelde, intuïtie en logica, het vrouwelijke en het mannelijke. Met een opvoeding waarin de buitenwereld gevaarlijk was en de gemeenschap de enige waarheid — maar waar de ruimte voor je eigen gevoel, je eigen innerlijke waarheid, zo goed als onbestaand was.

Die spanning volgde me — naar mijn studies beeldende kunsten en interieurarchitectuur, naar mijn atelier, naar mezelf. Ik zocht naar iets wat die werelden verbond.

Wat ik toen nog niet wist, is dat die spanning zelf mijn werk was.

Het was mijn eigen donkerte die me daarheen bracht. Periodes van vastlopen, twijfel en innerlijke weerstand — ik leerde er niet van weg te lopen, maar mee te bewegen. En dat werd de alchemie. Die donkerte werd de kracht van waaruit ik werk.

Kundalini Yoga opende alles — niet als ontsnapping, maar als weg naar binnen. Naar een plek waar creëren en voelen, structuur en overgave, elkaar niet uitsluiten maar versterken.

In mijn atelier maak ik transformatie tastbaar via mixed media, geïnspireerd door de vier alchemistische fases: nigredo, albedo, citrinitas en rubedo. Elk werk doorloopt een proces van oplossing, zuivering en vernieuwing. Kleur, textuur en laagopbouw zijn de kern van mijn onderzoek naar verandering — de wisselwerking tussen materie en bewustzijn.

Vandaag werk ik aan wat ik innerlijke en uiterlijke architectuur noem. Via rituelen, meditatie en creatieve expressie. Om opnieuw verbinding te maken met onze innerlijke wijsheid. Niet door te fixen, maar door te herinneren.

Ik noem het artistieke alchemie. Een voortdurend proces van becoming en unbecoming — naar je essentie, en naar de moed om die te delen.

Foto Naja Hellinckx